Vandaag ga ik op zoek naar materiaal om de vergelijkingscollectie van Mauritiaanse houtsoorten aan te vullen. Om de verschillende houtresten uit Mare aux Songes met een lichtmicroscoop te kunnen determineren hebben we ook een verzameling nodig van houtanatomische preparaten van alle inheemse bomen en houtige gewassen van Mauritius. Dat zijn er minstens 150 en een complete collectie bestaat nog nergens... In samenwerking met o.a. het Herbarium van Mauritius, het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika in Tervuren, België en het Nationaal Herbarium Nederland en met een kleine reisbeurs van het EU-project SYNTHESIS hebben we sinds 2005 zo’n 20% van de collectie bij elkaar gekregen. Dat is mooi, maar nog niet genoeg om verantwoorde determinaties te kunnen doen.
Eén van de geslachten die ik momenteel op het oog heb is Gagnebina, een klein boompje van dezelfde familie als Acacia. Er staat er één in het arboretum - de bomentuin - van het herbarium in Réduit, vlakbij de hoofdstad in het Noordwesten van het eiland. Van Dr. Claudia Baider, de ecologe die aan het hoofd staat van het herbarium mag ik een plakje zagen van een dode zijtak van de boom. Dankjewel! Haar collega Kersley Pinee neemt me vervolgens mee naar Curepipe (in het heuvelachtige centrale deel van het eiland), naar een kweektuin van de NPCS, zeg maar de Mauritiaanse “Natuurmonumenten”. Hier worden zeldzaam geworden inheemse bomen en planten opgekweekt om opnieuw te worden geplant in de verschillende natuurreservaten op Mauritius.

(afb.1) De kweektuin is nog redelijk nieuw

(afb.2) Kersley en meneer Gopal

(afb.3) Een tuincentrum, maar dan anders

(afb.4) Boom in wording

(afb.5) Deze inheemse plant, die bijna uitgestorven was, is net gearriveerd uit de botanische tuinen van Kew in Engeland en heeft tijdelijk een zonnescherm nodig...
Veel van de genoemde reservaten zijn op eilandjes voor de kust, zoals “Ile aux Aigrettes” (Zuidwesten) en “Round Island” (Noorden). Dit is monteel een van de weinige manieren om inheemse planten en dieren te beschermen tegen de schadelijke invloed van door de mens geintroduceerde planten en dieren. Met name apen (eten alle jonge bladeren en de zaden/vruchten van bomen op), ratten (eten eieren van vogels en reptielen) en bepaalde exotische woekerplanten (verstikken zaailingen van bomen) zijn een groot probleem geworden.

(afb.6) Educatieve poster over uitheemse dieren en planten

(afb.7) Geïntroduceerd padje (Bufo gutturalis?)
Een van de belangrijke taken van medewerkers van de kweektuin in Curepipe is het aanvullen en op peil houden van de zaadbank van inheemse planten. Ik ontmoet medewerkster Nabi (Nabiihah) die bijna de hele dag bakjes met kiemkrachtige zaden van allerhande planten controleert, telt en verpakt en die de “bad guys” uit elk bakje moet verwijderen. Respect! Van meneer Gopal, de opzichter van de tuin, mag ik een monster nemen van een inheemse boom genaamd Talipariti tiliaceus, ook een mogelijke “dodo-boom” die vroeger in Mare aux Songes gegroeid kan hebben. Het blad lijkt op dat van onze linde, Tilia, vandaar de naam.

(afb.8) Talipariti tiliaceus

(afb.9) Talipariti tiliaceus, blad
Na dit bezoek gaan we een kijkje nemen bij de “Forestry Service”, zeg maar Staatsbosbeheer, ook in Curepipe. Ik krijg zomaar, zonder afspraak, een gesprek met de directeur, meneer Tezoo. Dat is best bijzonder, zowel voor Mauritiaanse als voor Nederlandse begrippen! Hij is zeer geïnteresseerd in het onderzoek aan levende inheemse bomen en beloofd me dat we voor toekomstig veldwerk op Mauritius alle medewerking kunnen krijgen van zijn organisatie. Dat klinkt goed! Ze blijken ook een oude - de oudste van het eiland - en zeer uitgebreide bibliotheek te hebben met inventarisaties van bosgebieden, lijsten met plantdata van bomen, enz. Ik ben zeker van plan om hier volgend jaar terug te komen.